p wessels klein.jpg (1442 bytes)

Paul Wessels: aanbesteding Grensmaas: a never ending story

Opnieuw vragen Paul Wessels over aanbesteding Grensmaas 10 maart 2005
Vragen Paul Wessels over verdere vertraging grensmaasproject 2 september 2004
Dossier Grensmaas Monique Gommers, Wethouder Gemeente Stein
Vragen Paul Wessels aan GS over opschorten aanbesteding Grensmaas i.v.m. niet-naleven van de Europese aanbestedingsregels; 2 juni 2003
Inbreng Monique Gommers slotdebat dec 2001

zie ook:
Antwoorden Staatssecretaris Schulz op vragen van D66 Tweede Kamerlid Boris van der Ham [lees verder]
Persbericht D66 Statenfractie Limburg [lees verder]
Schriftelijke vragen D66 Tweede Kamerlid Boris van der Ham [lees verder]
Reactie Eurocommissaris Bolkestein op schriftelijke vragen D66 Europarlementarier Johanna Boogerd
[lees verder]
Schriftelijke vragen van D66 Europarlementarier Johanna Boogerd [lees verder]


Gennep, 10 maart 2005

Geachte voorzitter,

Bij het Grensmaas Consortium zijn ook ondernemingen betrokken die aannemingsactiviteiten verrichten of dochterondernemingen hebben die dan doen. De werken aan de Grensmaas, die buiten de zogenaamde ´zelfrealisatie´ door het Consortium vallen, worden openbaar aanbesteed. Dat zou kunnen betekenen dat deze aannemers voor deze werken gaan inschrijven. Deze zouden dan gezien hun betrokkenheid bij het Grensmaas Consortium en alle informatie die daar beschikbaar is een bevoordeelde positie innemen. Een opdracht aan deze aannemers zou in strijd zijn met de Europese richtlijn voor overheidsopdrachten.

Vragen

  1. Deelt u onze mening dat deze aannemers t.o.v. niet bij het Grensmaas Consortium betrokken aannemers een bevoordeelde positie zouden innemen?
  2. Deelt u onze mening dat het in strijd zou zijn met de Europese richtlijn voor overheidsopdrachten als deze aannemers werken in dit verband gegund zouden worden?
  3. Gaat u bij de aanbesteding deze aannemers uitsluiten­?

Met vriendelijke groet, namens de D66 fractie, 

Paul Wessels

»terug naar top pagina
------------------------------------
Antwoord van Gedeputeerde Staten
5 april 2005
Zoals bekend zal een deel van het Grensmaasproject worden aanbesteed door het Consortium Grensmaas. In de te sluiten overeenkomst met het Consortium Grensmaas is voorzien in een constructie om het Consortium Grensmaas en de Consortium Grensmaas-partners niet te laten deelnemen aan deze aanbesteding. Voorts is in deze overeenkomst voorzien in een constructie om ongeoorloofde bevoordeling van aan het Consortium Grensmaas gelieerde partijen te voorkomen. Dit is aan de Europese Commissie voorgelegd.

Zoals bekend heeft de Europese Commissie op 13 oktober 2004 besloten de klachten over de aanbesteding van de Grensmaas te seponeren.

»terug naar top pagina


Gennep, 2 september 2004

Geachte Voorzitter,

In een artikel in Cobouw van 1 september j.l. (zie bijlage) wijst Mr. Hisse de Vries op een aantal risico's die kleven aan het ambtelijk voorgestelde compromis tussen de Europese Commissie en de Nederlandse staat betreffende de aanbesteding van de Grensmaasplannen.
Met name concludeert Mr. Hisse de Vries dat niet-openbare aanbesteding van een deel van de werkzaamheden in strijd is met het Europees recht.

Daarom hebben wij de volgende vragen:

  1. Is het College het met de D66-fractie eens dat, indien de conclusie van Mr. Hisse de Vries juist is, het voorgestelde compromis niet in stand kan blijven en de Maaswerken, w.o. de provincie Limburg, dus alsnog zal moeten overgaan tot openbare Europese aanbesteding van het hele werk?
  2. Welke stappen onderneemt het College om een onaanvaardbare verdere vertraging van de hoogwaterbeschermingsmaatregelen te voorkomen als blijkt dat vergunningen vanwege "zelfrealisatie" geen stand kunnen houden?
  3. Kan uw College aangeven, dat het Grensmaascompromis niet in strijd is met vaste jurisprudentie van het Europees Hof van Justitie in Straatsburg inzake de richtlijn Werken m.b.t. aanbestedingsplicht van ontgrondingen?

 Met vriendelijke groet,
namens de D66 fractie
Paul Wessels
»terug naar top pagina

-------------------------------------------------------
Antwoord van Gedeputeerde Staten
21 september 2004

Vraag 1.
In een artikel in Cobouw van 1 september j.l. (zie bijlage) wijst Mr. Hisse de Vries op een aantal risico's die kleven aan het ambtelijk voorgestelde compromis tussen de Europese Commissie en de Nederlandse staat betreffende de aanbesteding van de Grensmaasplannen.
Met name concludeert Mr. Hisse de Vries dat niet-openbare aanbesteding van een deel van de werkzaamheden in strijd is met het Europees recht.
Is het College het met de D66-fractie eens dat, indien de conclusie van Mr. Hisse de Vries juist is, het voorgestelde compromis niet in stand kan blijven en de Maaswerken, w.o. de provincie Limburg, dus alsnog zal moeten overgaan tot openbare Europese aanbesteding van het hele werk? 

Antwoord.
Wij gaan ervan uit dat het voorgestelde compromis in stand zal blijven.

Vraag 2.
Welke stappen onderneemt het College om een onaanvaardbare verdere vertraging van de hoogwaterbeschermingsmaatregelen te voorkomen als blijkt dat vergunningen vanwege "zelfrealisatie" geen stand kunnen houden?

Antwoord.
Op dit moment ligt bij de Europese Commissie een voorstel van de Nederlandse overheid voor, om een gedeelte van de werkzaamheden van het Grensmaasproject aan te besteden. Het principe van de voorgestelde oplossing is met ambtenaren van de Europese Commissie besproken. Wij gaan ervan uit dat het voorgestelde compromis in stand zal blijven en strookt met de Europese richtlijnen.

 Vraag 3.
Kan uw College aangeven, dat het Grensmaascompromis niet in strijd is met vaste jurisprudentie van het Europees Hof van Justitie in Straatsburg inzake de richtlijn Werken m.b.t. aanbestedingsplicht van ontgrondingen?

 Antwoord.
Zie antwoord op vraag 2.
Gedeputeerde Staten  van Limburg

»terug naar top pagina

-------------------------------------------------------
Bijlage
Bron: Cobouw 1 september 2004

Compromis Grensmaas mogelijk in strijd met Europese aanbestedingsrichtlijn

Begin dit jaar werden door de minister van Economische Zaken cijfers bekend gemaakt over het (Europese) aanbestedingsgedrag van de overheden in Nederland in relatie tot de Europese aanbestedingsrichtlijnen Werken en Diensten. De resultaten waren schokkend: de gemeenten besteden nog geen 10 procent volgens de regels aan en bij de provincies ligt dit rond de 30 procent.

Op 9 februari jl. heeft minister Remkes van Binnenlandse Zaken naar aanleiding van Kamervragen laten weten dat benadeelde (potentiële) inschrijvers zich ingeval van niet-naleving van de Europese aanbestedingsverplichtingen naar de civiele rechter moeten stappen als zij van mening zijn dat er ten onrechte door de overheid niet is aanbesteed en zij daardoor zijn benadeeld.
Dit standpunt is helaas ongenuanceerd en zal vele bedrijven, en overheden (!!), op het verkeerde – dure – been zetten. Bovendien kan dit standpunt grote gevolgen met zich meebrengen voor dezelfde overheid. Als namelijk Europese richtlijnen niet worden uitgevoerd, dan kan Brussel aan de Nederlandse staat forse boetes opleggen. En de minister heeft al aangegeven dat hij die boetes zal verhalen op andere overheden als zij de richtlijnen niet of onjuist hebben toegepast.
Van belang zijn de Europese richtlijn Werken en de richtlijn Diensten. De richtlijn Diensten heeft het oog op bijvoorbeeld het inkopen van goederen, zoals pennen, blocnotes, computers, bureaus enz. Als deze aankopen boven het Europese drempelbedrag van 290.000 euro uitkomen, dan moeten de inkopen Europees worden aanbesteed. Komt er geen aanbesteding, dan zal een concurrerend bedrijf naar de civiele rechter moeten om zijn gelijk te halen. Dat ben ik met de minister eens. Anders ligt de situatie bij de richtlijn Werken.

Beleidsplan
De richtlijn Werken is van toepassing als er openbare functies worden gerealiseerd, en als het totale bedrag dat met de activiteit is gemoeid 5,9 miljoen euro of meer bedraagt.
Op een congres dit voorjaar van Meurs Juristen over Europese aanbesteding en ontgrondingen, stond de vraag centraal of ontgrondingen onder de Europese richtlijn Werken vallen en of deze activiteiten moeten worden aanbesteed. Deze vraag is zeer actueel bij de uitvoering van bijvoorbeeld de Grensmaas – hierover is in juli 2004 een compromis bereikt tussen de Europese Commissie en de Nederlandse staat – en de ontwikkeling van het beleidsplan Ruimte voor de Rivier.
Een opdracht tot realisering van een werk valt onder de aanbestedingsplicht als:
a. er sprake is van een overheidsopdracht;
b. de opdrachtgever een aanbestedende dienst is;
c. het werk voldoet aan de definitie van een werk;
d. de totale opdracht boven de drempelwaarde van de richtlijn uitkomt.
De jurisprudentie van het Europees Hof gaat uit van ruime interpretaties van de richtlijn. Dat komt omdat mededinging bij overheidshandelen uitgangspunt is.
Ontgrondingenlocaties krijgen na afloop van de ontgrondingenactiviteiten vaak een nieuwe bestemming. Deze nieuwe bestemming moet – zoals dat heet – een meerwaarde krijgen voor de omgeving en de plaatselijke of regionale gemeenschap. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om het realiseren van natuurterreinen, het realiseren van openbare recreatieterreinen, openbaar infrastructuur of betere bevaarbaarheid.
Als de herinrichting van een ontgrondingenlocatie een openbare functie krijgt en die functie wordt mede gefinancierd door de opbrengst van het gewonnen zand of de gewonnen klei, zodat de overheid niet de volledige kosten behoeft te betalen, dan is er sprake van een overheidsopdracht.
Hoewel een (ontgrondingen)vergunning daarbij al geldt als een overeenkomst, sluit een gemeente vaak een overeenkomst met de ontgronder waarin is vastgelegd hoe de ontgronder de locatie ten behoeve van de gemeente gaat inrichten. Maar hetzelfde geldt voor de aanleg van een infiltratiebekken of verdieping van een vaargeul.

Herinrichting
Als er één onderdeel van de totale activiteit onder aanbestedingsplicht valt, dan geeft de richtlijn aan dat het gehele werk moet worden aanbesteed: faseren mag wel, knippen mag niet. Het compromis Grensmaas gaat er nu vanuit dat de grindwinning op zichzelf niet aanbestedingsplichtig is. De herinrichting van de Grensmaas is echter van openbaar maatschappelijk belang en die herinrichting is wel aanbestedingsplichtig.
Ik deel dit standpunt overigens niet. Met de opbrengsten uit de ontgronding wordt de herinrichting gefinancierd. Zonder ontgronding zou er geen herinrichting zijn en dus geen nieuwe maatschappelijk gewenste functie. Om de Maas beter bevaarbaar te maken èn veiliger te maken tegen overstromingen moet deze ook dieper worden gemaakt en dat kan alleen door middel van ontgrondingen. Het bereikte compromis is dan ook naar mijn mening in strijd met de vaste jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie in Straatsburg.

Grondposities
De plicht om ontgrondingen aan te besteden betekent wel een forse wijziging van de huidige handelwijze. Nu hebben ontgrondingenbedrijven vaak al grondposities in handen, voordat enige vergunning om de werken uit te voeren wordt aangevraagd. Uitgaande van het beginsel van zelfrealisatie is dat tot op heden een – doorslaggevend – belang (geweest) om de vergunningen te verlenen. Als de werken moeten worden aanbesteed – zonder dat naar de grondeigendommen wordt gekeken – is pas bij de gunning bekend wie de ontgronding mag uitvoeren. Het vooraf innemen van grondposities kan daarbij zelfs tot onteigening leiden. Voor het Europese Hof van Justitie is de grondeigendom niet relevant voor de toepasselijkheid van de richtlijn.

Mr. Hisse de Vries
Directeur Meurs Juristen

Dit is het eerste van twee artikelen over het aanbesteden van ontgronden. Het tweede deel gaat over de vraag of een ontgrondingenvergunning moet worden geweigerd als er niet is aanbesteed.
»terug naar top pagina


Dossier Grensmaas…. door Monique Gommers

Sinds ik in 1993 als wethouder van de gemeente Stein geconfronteerd werd met alle calamiteiten en emoties door de hoogwaterstanden van de Maas, ben ik een voorstander geworden van de combinatie van de gedachte natuurontwikkeling (Groen voor Grind) en de veiligheidsdoelstelling (plan Boertien).
Meer problemen heb ik altijd gehad en gehouden bij het uitgangspunt om die twee doelstellingen budgettair neutraal te realiseren. Dat betekende namelijk dat het grind in de ondergrond als betaalmiddel zou gelden voor de noodzakelijke maatregelen. Toch kon ik daar nog enige vrede mee hebben omdat ontgrinding ter plekke ruimte voor de rivier betekent en aldus bij kan dragen aan zowel veiligheid (daar waar grind heeft gezeten krijgt het water nu de ruimte) als natuurontwikkeling (daar waar de rivier de ruimte krijgt gaat hij meanderen). Dit temeer daar in alle planvorming de ruige Franse rivier L’Allier als zogenaamde referentierivier wordt gepresenteerd, dwz dat het eindplaatje in Limburg dit natuurbeeld te zien zou geven. Ik heb mezelf (met echtgenoot en honden) ter plekke overtuigd van de mogelijkheden voor de natuur die bij dit scenario in Limburg zouden ontstaan, en was verkocht.

Helaas bleek het uitgangspunt van budgetneutraliteit problemen op te leveren, en zou er veel meer grind nodig zijn om de veiligheidsmaatregelen te betalen, dan in de betrokken ondergrond aanwezig was. Dus werd er ver buiten zomerbed of winterbed van de Maas nog ontgrinding bij gehaald. Vooral de gemeente Sittard-Geleen zou hier het gelag moeten betalen.
Omdat ik sinds 1999 in Provinciale Staten gekozen was, heb ik de over elkaar vallende plannen kunnen volgen. Om enig draagvlak onder de bevolking te behouden werd uiteindelijk het Eindplan Grensmaas gepresenteerd, waarbij veiligheid, natuurontwikkeling en tonnages grind geminimaliseerd werden. Het charmante aan dit plan was dat ook de tijdsduur en de overlast tot een minimum zouden worden beperkt.
Toch had ik als D66 woordvoerder moeite met dit plan. Als de budgetneutraliteit niet zo dwingend opgelegd zou zijn, was veel meer mogelijk. Plaatselijke overheden zouden mogelijk onderdelen willen subsidiëren om extreme overlastsituaties te beperken (denk aan de gemeente Sittard-Geleen die voor haar inwoners in Schipperskerk best een duit in het zakje wilde doen). De zelfrealisatie door de grindboeren maakte het echter onmogelijk om oneigenlijke concurrentie in de vorm van Europese, landelijke of lokale subsidies toe te staan. Voor D66 was het echter zeer de vraag of zelfrealisatie niet op gespannen voet staat met Europese regels omtrent openbare aanbesteding. Eind 2001 heb ik namens D66 dan ook een motie ingediend om Provinciale Staten er toe te brengen om voor Europese aanbesteding te kiezen, omdat we anders teruggefloten zouden worden door de Nederlandse Mededinging Autoriteit (NMA) of het Europese Hof. Helaas leert de actualiteit dat deze motie waarschijnlijk beter aangenomen had kunnen worden.

De burgers hebben er recht op beschermd te worden tegen de grillen van een regenrivier zoals de Grensmaas er een is, met alle extremiteiten van dien. De schop moet dus de grond in, om de rivier de RUIMTE te geven. Daarom heb ik het er anno 2003 (bijna 2004) zeer moeilijk mee dat de planvorming nog steeds veel "open eindjes"… (sic) laat zien (Vlaams ongerief, grondwaterstanden, (plan-) schade regelingen, uitvoeringsvolgorde, uitvoeringswijze etc). Al deze ongewisse zaken worden doorgeschoven naar de vergunningverlenende instanties, waaronder de 5 gemeenten. De uitvoerende partijen (lees: het consortium) zouden daarbij verantwoordelijk worden voor het tot overeenstemming komen met onze Belgische buren, en zouden alle risico’s van de directe en indirecte effecten van de planologisch voorgeschreven ingrepen moeten dragen …. (?)
Geen wonder dat de twijfel toeslaat bij de plaatselijke ontgronder, die mogelijk liever zijn oude vertrouwde ontgrondingrechten wil behouden, dan zich in dit risicovolle avontuur te storten.

Ik ben anno 2003 als wethouder Ruimtelijke Ordening de verantwoordelijke portefeuillehouder Grensmaas voor de gemeente Stein, en zal de belangen van de burgers van deze Grensmaas gemeente dus optimaal moeten borgen.
Wat is echter optimaal in deze? Gegevens uit het cumulatief onderzoek hebben mij bewust gemaakt van het feit dat veiligheidsdoelen en natuurdoelstellingen elkaar kunnen bijten. Hoe meer ruigte (zie de charme van L ‘Allier) hoe minder veiligheid, want ooibossen kunnen obstakels zijn als je de rivier de ruimte wil geven. Is de geplande nevengeul in Maasband vanuit deze wetenschap echt onontbeerlijk voor de veiligheidsdoelstelling? Want de mensen in de Maasband zelf komen dan in een positie zoals nu die van Borgharen, terwijl ze door de bestaande hoge oevers tot nu toe bij de hoogwaters geen overlast hebben gehad.
Gelukkig bestaat er binnen de gemeente een zeer actieve denktank Grensmaas, een club die kritisch alle planvorming op de consequenties voor onze inwoners doordenkt. En dit met mij samen, gesteund door een zeer kundige ambtenaar. Want het is een heel avontuur, en alles behalve een "veilig project".!!!

Monique Gommers
Wethouder Gemeente Stein
»terug naar top pagina


Gennep, 2 juni 2003

Geacht College,

Bij de behandeling van de plannen voor de Grensmaas heeft de D66 Statenfractie herhaaldelijk uiting gegeven aan haar zorg over het niet-openbaar en volgens de Europese regels aanbesteden, zoals ook blijkt uit de motie die wij daarover hebben ingediend bij de Statenbehandeling van het eindplan in december 2001.
Onze zorg lijkt terecht te zijn geweest: immers nu blijkt dat de Europese Commissie de Nederlandse Staat in gebreke heeft gesteld wegens het niet-naleven van de Europese aanbestedingsregels.

Vragen

1. Kunt u ons zo spoedig mogelijk een afschrift doen toekomen van de brief van de Europese Commissie waarin de Staat in gebreke wordt gesteld?

2. Wanneer wist Gedeputeerde Staten voor het eerst dat er problemen zouden rijzen vanwege de opvatting van de Europese Commissie?

3. Is er sprake van een geheim rapport van onderzoeksbureau Lpyens & Loeff waarin destijds al is gewaarschuwd dat het niet volgen van de Europese aanbestedingsregels tot schipbreuk zou kunnen leiden? Zo ja met wie is dit rapport gecommuniceerd? En wilt u ons dit rapport alsnog verstrekken?

4. Hoeveel vertraging loopt de uitvoering van de Maasbeveiliging door deze handelswijze op?

Met vriendelijke groet, namens de D66 fractie,

Paul Wessels
»terug naar top pagina


 

Bijdrage Monique Gommers slotdebat eindplan Grensmaas dec 2001

Inbreng Monique Gommers 24 december 2001
Motie
Amendement


Inbreng Monique Gommers december 2001
Mijnheer de Voorzitter D66 vindt het procedureel onjuist dat juist dit agendapunt geen behandeling via camera’s kent. Het betreft een voortzetting van de staten-vergadering van 14 december, na schorsing. Dus ook dit agendapunt hoort onder dezelfde facilititeiten te vallen!

Meneer de Voorzitter, uw inleiding dat niet de Staten, maar het Rijk over de vorm van aanbesteding besluit, sterkt mij in de mening dat het rijk er alles aan gelegen is om de maximaal mogelijke hoeveelheden grind uit de Zuid-Limburgse bodem te halen, en om die reden in te zetten op zelfrealisatie, c.q budgetneutraliteit.

Verder betreuren wij het dat het besluit dat wij vandaag nemen, niet door een correctief referendum te beinvloeden valt. Dan zouden we na 1 januari moeten vergaderen!

Naar aanleiding van de brief van de staatssecretaris d.d 19 december
blz.1: "op dit moment werkt de provincie aan een plan dat enerzijds op voldoende draagvlak in de regio kan rekenen, en anderzijds voldoet aan het vereiste van zelfrealisatie.."
Het draagvlak in de regio wordt benadeeld door deze eis van zelfrealisatie, omdat diepe grindwinningen, buiten de kades, zonder bijdrage aan doelstelling voor veiligheid of natuurontwikkeling nodig zijn om tot budgetneutraliteit te komen. Deze diepe grindwinningen roepen alle oude weerstanden op, waardoor diverse bewonersgroepen NIET accoord gaan, en geen schriftelijke instemming van de gemeente Sittard-Geleen-Born voorligt.

De verenigde eigenaren –aannemers binnen het Consortium Grensmaas beschikken NIET over alle benodigde gronden.
Hoe kan de ontbrekende 600 ha nu al toegerekend worden aan het Consortium? (In)direct onteigenen voor het Consortium lijkt me juridisch beslist niet haalbaar. Graag uitleg

Er blijkt sprake van een aanbestedingsplichtige opdracht, maar de staatssecretaris komt tot de conclusie " dat recente aanbestedingsjurisprudentie de overheid niet dwingt tot "integrale" aanbesteding van het Grensmaasproject.

De Notitie Juridische gang Grensmaas spreekt echter over een uiterst beperkte handelingsruimte van de overheid bij onderhandse aanbesteding.

Gunning aan het Consortium mogen wij als democratisch gekozen volksvertegenwoordigers dus nooit goedkeuren, want dan geef je je over aan een particuliere onderneming, en dan ben je niet baas over je eigen werken. (zie citaat LD: Limburg kan in zee gaan met Consortium, maar dan moet er wel op eieren gelopen worden..") Schandelijk dat een overheid zo’n belangrijk iets als de VEILIGHEID van mensen overlaat aan ontgrinders en aannemers. En dan te denken aan minister-president Wim Kok in 1995; wij zullen zorgen dat Limburg veilig wordt, wij laten Limburg niet in de steek! Wat komt er van deze belofte zo terecht? Een overheidswerk kan transparant en openbaar aanbesteed worden, dan blijf je de baas, ook de politiek verantwoordelijken kun je op het matje roepen.

De staatssecretaris besluit haar brief: "Indien het consortium aangeeft dit niet te willen, zal naar het zich nu laat aanzien, alsnog een openbare aanbesteding moeten volgen, die mogelijk gepaard gaat met onteigening van de benodigde gronden."

Limburg wordt dus geconfronteerd met een openbare aanbesteding van een Eindplan dat geschreven is op budgettaire neutraliteit, waardoor 17 miljoen ton meer grind vergund wordt dan volgens het convenant tussen Rijk en provincie besloten is. De mogelijkheid om subisidies te verwerven worden in dit Eindplan immers niet benut!
Onnodige ontgrindingen worden via deze strategie van de "tweetrapsraket" gelegitimeerd…

Uit een eerder verslag overleg staatssecretaris d.d 5 december
blz.2: De staatssecretaris merkt op dat "vanwege de lange uitvoeringstermijn, nog enkele onvermijdelijke onzekerheden resteren"

Uit de notulen d.d 10 december blz.10 reactie portefeuillehouder:"tegenvallers zullen niet vertaald worden in meer grind, gezien het feit dat hier geen draagvlak voor is, maar ook omdat de overheid dan haar geloofwaardigheid verliest. Dit is ook afgesproken met de ministeries van V&W/LNV"

"De NME is momenteel nog niet aan zet"

Blz.2: "er wordt geconstateerd dat het plan in principe vergunbaar lijkt"

Samenvatting

D66 acht de gekozen juridische constructie van cruciaal belang, omdat de budgetneutraliteit de keerzijde is van werken met de Limburgse grindboeren. En omdat D66 zowel de rechtmatigheid van deze "aanbestedingsfarce" betwijfelt, als de rechtvaardigheid van de budgetneutraliteit betwist, zal zij een motie indienen die om principiele, morele en juridische redenen oproept tot openbare aanbesteding.

»terug naar top pagina


Motie

Provinciale Staten van Limburg, in vergadering bijeen op vrijdag 21 december 2001 ,

constaterende dat:

Besluiten dat:

En gaan over tot de orde van de vergadering

»terug naar top pagina.


Amendement

Provinciale Staten van Limburg, in vergadering bijeen op Vrijdag 21 december 2001

overwegende dat:

besluiten dat bij Openbare aanbesteding:

En gaan over tot de orde van de vergadering.

 --------- 

In de beantwoording van gedeputeerde Vestjens op de ingediende moties en amendementen riep de fractievoorzitter van de PvdA op zich maximaal constructief op te stellen, ten einde aan de voorwaarden van D66 tegemoet te kunnen komen. Tijdens de schorsing van de vergadering is derhalve met enkele ambtenaren en Henk Evers (fractievoorzitter PvdA) een aangepaste formulering tot stand gekomen, om te vermijden dat het Plan van Aanpak zelf zou afwijken.

Op deze wijze is het volgende amendement in stemming gebracht:

(toe te voegen aan de tekst op blz. 5 van de aanbiedingsbrief) 

Wanneer de uitvoering van het eindplan niet door zelfrealisatie is te verwezenlijken en de gunning derhalve op basis van openbare aanbesteding dient plaats te vinden, hanteren wij de volgende criteria:

Deze amendering werd ondersteund door PvdA, VVD en CDA.

In een toelichting is verklaard waarom D66 verwacht hiermee de "dubbele agenda" te hebben voorkomen.

Als er openbare aanbesteding plaats vindt (en wij verschillen met de overige fracties wat betreft de wenselijkheid hiervan!), dan is NU het gunningscriterium dat de laagste inschrijver, dat wil zeggen met de minste grindhonger, de opdracht krijgt.

Juist omdat de uitgangspunten van het plan gehandhaafd blijven, betekent dit dat onrendabele planonderdelen omwille van natuur- en veiligheidsdoelen een ontgrinding blijven kennen, maar dat met name de diepe winningen, die alleen een budgettaire noodzaak kennen, de marges zullen leveren waarop in tonnages grind valt te bezuiningen.

Onder deze aanvaarde amendering is D66 accoord gegaan met het Plan van Aanpak.

Onze motie is overigens NIET aangenomen, maar dat zal niet verrassen….

Monique Gommers

»terug naar top pagina